KENNIS
Gebruik je AI-tools in je bedrijf zonder ze zelf te bouwen, dan ben je onder de AI Act gebruiksverantwoordelijke en is je documentatieplicht beperkt: een overzicht van welke tools je gebruikt en waarvoor, aantoonbare AI-geletterdheid, transparantie richting klanten en sluitende afspraken met je leveranciers. De zware documentatie hoort bij hoog-risico-systemen, en die deadline is in juli 2026 verschoven naar 2 december 2027.
Kort antwoord
Vertrouwd door


De meeste pagina's over dit onderwerp geven een lijst van tien documenten en laten in het midden welke daarvan de wet eist en welke gewoon verstandig zijn. Dat verschil is precies wat je wil weten, want het scheelt dagen werk. Daarom eerst de scheidslijn.
Gebruik je AI-tools die niet hoog risico zijn — een chatbot op je site, een schrijfhulp, AI die facturen leest, e-mail sorteert of notulen maakt — dan legt de AI Act je geen technisch dossier op. Wat er dan hard staat, is dat je medewerkers voldoende van AI begrijpen om ermee te werken (artikel 4), en dat mensen weten wanneer ze met AI te maken hebben (artikel 50). Alles wat je verder vastlegt, leg je vast om díe twee te kunnen aantonen, of omdat de AVG het eist zodra er persoonsgegevens door de tool gaan.
Bouw je zelf AI, of zet je je merk op een systeem van een ander, dan schuif je op naar de rol van aanbieder. En zit je toepassing in bijlage III van de wet — beslissingen over mensen, zoals werving, beoordeling of kredietwaardigheid — dan komt het volledige dossier er wel. Die twee grenzen bepalen samen je hele documentatieplicht.

De AI Act (Verordening (EU) 2024/1689) treedt gefaseerd in werking. In juli 2026 is die fasering aangepast door de zogeheten Digitale Omnibus: Verordening (EU) 2026/1744, gepubliceerd in het Publicatieblad op 24 juli 2026 en in werking sinds 27 juli 2026. Die wijziging is de reden dat veel pagina's over dit onderwerp inmiddels verkeerde data noemen. De stand van nu:
| Datum | Wat er geldt |
|---|---|
| 2 februari 2025 | Verboden AI-praktijken (artikel 5) en de plicht tot AI-geletterdheid van medewerkers (artikel 4). Beide gelden al ruim een jaar. |
| 2 augustus 2025 | Regels voor aanbieders van AI-modellen voor algemene doeleinden, plus het toezichtstelsel en de sanctiebepalingen. |
| 2 augustus 2026 | De transparantieplichten uit artikel 50: een chatbot maakt zich bekend als machine, AI-gegenereerde beelden en teksten zijn als zodanig herkenbaar, en mensen worden geïnformeerd bij emotieherkenning. Niet uitgesteld. |
| 2 december 2026 | Machineleesbare markering van AI-content voor systemen die al vóór 2 augustus 2026 op de markt waren. Nieuwe systemen moesten dat meteen op orde hebben. |
| 2 december 2027 | De verplichtingen voor zelfstandige hoog-risico-systemen uit bijlage III. Dit was 2 augustus 2026 en is met de Digitale Omnibus verschoven. |
| 2 augustus 2028 | Hoog-risico-AI die als veiligheidsonderdeel in gereguleerde producten zit (bijlage I). Dit was 2 augustus 2027. |
Voor hoog-risico-systemen die vóór 2 augustus 2026 al in gebruik waren geldt een aparte, veel latere termijn: december 2030. Het uitstel is dus geen afstel en ook geen versoepeling van de inhoud — de eisen blijven hetzelfde, er is alleen meer tijd om ze te halen, onder meer omdat de bijbehorende geharmoniseerde normen nog niet klaar waren.
Wat wél inhoudelijk verandert voor kleine bedrijven: de Omnibus voert lichtere verplichtingen in voor het mkb, waaronder vereenvoudigde technische documentatie, een kwaliteitssysteem dat in verhouding staat tot de omvang van het bedrijf en lagere boeteplafonds. Ook de geletterdheidsplicht is bijgesteld: je moet je medewerkers ondersteunen, niet een bepaald kennisniveau garanderen.
De hele wet hangt aan één vraag: hoe riskant is de toepassing? Niet hoe geavanceerd de techniek is, en niet hoe belangrijk het systeem is voor jouw bedrijfsvoering. Een AI-agent die je hele orderstroom draait is bedrijfskritisch, maar niet hoog risico. De wet kijkt naar het risico voor de mensen die met de uitkomst te maken krijgen.
Social scoring, gedragsmanipulatie die schade veroorzaakt, emotieherkenning op de werkvloer of in het onderwijs, en het ongericht schrapen van gezichten van internet. Dit is sinds februari 2025 verboden. Sinds december 2026 staan daar ook AI-systemen bij die zonder toestemming intieme beelden van mensen genereren. Voor een gemiddeld mkb-bedrijf is deze categorie theorie, met één uitzondering die het niet is: emotieherkenning op je eigen personeel, bijvoorbeeld in een callcenter dat de stemming van medewerkers meet, valt eronder.
Bijlage III noemt de toepassingen waar het echt om gaat. In mkb-taal: AI die meebeslist over de toegang van mensen tot werk, geld, onderwijs, zorg of overheidsdiensten. Concreet gaat het onder meer om systemen die sollicitanten selecteren of rangschikken, die beslissen over promotie of ontslag, die kredietwaardigheid van particulieren bepalen, die premies of acceptatie voor levens- en zorgverzekeringen berekenen, en om AI in kritieke infrastructuur. Bouw je zo'n toepassing, of gebruik je er een, dan geldt het volledige regime — vanaf 2 december 2027.
Er zit een uitzondering in die vaak wordt gemist. Een systeem dat in bijlage III staat is tóch niet hoog risico als het alleen een voorbereidende taak doet, een smalle procedurele handeling uitvoert, of menselijk werk verbetert zonder de beoordeling te vervangen. Een model dat binnengekomen cv's ontdubbelt en op volgorde van binnenkomst zet is geen selectiesysteem. Eén dat kandidaten een geschiktheidsscore geeft, is dat wel — ook als een recruiter formeel beslist. En let op de voorwaarde: wie zich op die uitzondering beroept, moet die beoordeling vóór ingebruikname schriftelijk vastleggen. De uitzondering is dus zelf een documentatieplicht.
Hier valt het overgrote deel van wat het mkb doet. Chatbots, AI-gegenereerde teksten en beelden, AI die documenten samenvat of e-mail routeert. De plicht is smal en concreet: de mens aan de andere kant moet weten dat er een machine aan het werk is. Dit is de categorie waarin je waarschijnlijk zit, en waarvoor sinds 2 augustus 2026 dus wél iets geregeld moet zijn.
Spamfilters, aanbevelingen in je webshop, voorspellend onderhoud, AI in je boekhoudpakket dat bonnetjes herkent. Geen specifieke plichten uit de AI Act. Wel gewoon de AVG als er persoonsgegevens door gaan.
De AI Act geeft je een rol, en die rol bepaalt bijna alles. De verwarring ontstaat omdat mensen denken dat het over eigendom gaat of over wie de code schreef. Dat is het niet.
| Aanbieder | Gebruiksverantwoordelijke | |
|---|---|---|
| Wie | Wie een AI-systeem ontwikkelt en het onder eigen naam of merk op de markt brengt of in gebruik neemt | Wie een AI-systeem onder eigen verantwoordelijkheid gebruikt in zijn werk |
| Typisch | OpenAI, Microsoft, een softwareleverancier, of jij als je zelf bouwt | Vrijwel elk mkb-bedrijf dat AI inzet |
| Bij hoog risico | Technische documentatie, risicobeheersysteem, kwaliteitssysteem, conformiteitsbeoordeling, CE-markering, registratie in de EU-databank | Instructies volgen, menselijk toezicht beleggen, invoerdata bewaken, incidenten melden, logs bewaren, personeel informeren |
| Bij beperkt risico | Systeem zo bouwen dat het herkenbaar AI is | Zorgen dat mensen het ook echt te zien krijgen |
Het kantelpunt staat in artikel 25. Je bent gebruiksverantwoordelijke, maar je wordt aanbieder zodra je je eigen naam of merk op een hoog-risico-systeem zet, het wezenlijk wijzigt, of het beoogde doel zo verandert dat het systeem dáárdoor hoog risico wordt. Dat laatste is de sluiproute waar bedrijven in lopen: je koopt een taalmodel voor tekstsamenvattingen, iemand bedenkt dat het ook cv's kan scoren, en zonder dat er één regel code is geschreven ben je aanbieder van een hoog-risico-systeem geworden.
Voor bedrijven die maatwerk laten bouwen levert dit een praktische vraag op: wie is de aanbieder van software die speciaal voor jou is gemaakt? In de regel de partij die het systeem onder eigen naam en verantwoordelijkheid in gebruik neemt. Bij interne bedrijfssoftware is dat jij, ook als een bureau de bouw deed. Dat is geen probleem zolang de toepassing niet hoog risico is, maar het is wel iets om vóór de bouw af te spreken: wie levert de technische beschrijving, wie houdt hem bij als het systeem verandert, en wie is aanspreekbaar als er iets misgaat. Wij leggen die verdeling standaard vast in de opdrachtbevestiging, juist omdat het achteraf regelen betekent dat niemand het gedaan heeft.
Dit is het praktische deel. Vier documenten, en het zijn er geen tien. Reken op een dag of twee werk voor de eerste versie, en een half uur per kwartaal om ze bij te houden.
Eén overzicht van elke AI-tool die in je bedrijf gebruikt wordt. Per regel: welke tool, welke leverancier, welk contracttype (gratis, zakelijk, API), wie hem gebruikt, voor welk proces, welke gegevens erin gaan, of daar persoonsgegevens bij zitten, en in welke risicocategorie de toepassing valt. Een spreadsheet volstaat.
Het register is geen expliciete eis uit de AI Act voor gebruiksverantwoordelijken, maar zonder register kun je geen van je andere plichten aantonen — en gaan er persoonsgegevens doorheen, dan moet de tool sowieso in je AVG-verwerkingsregister staan. Maak er dus één overzicht van, geen twee.
Twee A4'tjes waarin staat welke tools zijn goedgekeurd, welke soorten gegevens er nooit in mogen (klantgegevens, personeelsdossiers, broncode, offertes van derden), dat AI-uitvoer wordt gecontroleerd voordat hij naar buiten gaat, en bij wie je terecht kunt als je twijfelt. Dit document doet dubbel werk: het is je invulling van de geletterdheidsplicht en het is je verweer als er ooit iets misgaat.
Artikel 4 vraagt dat je medewerkers ondersteunt in het begrijpen van AI. Sinds de Digitale Omnibus hoef je geen kennisniveau te garanderen, maar je moet nog steeds kunnen laten zien dat je iets hebt gedaan. Een datum, een deelnemerslijst en de sheets van een sessie van een uur zijn genoeg. Nieuwe medewerkers krijgen het bij de introductie.
Per tool uit je register: is er een verwerkersovereenkomst, staat daarin dat jouw invoer niet gebruikt wordt om modellen te trainen, waar staan de servers, en hoe lang bewaart de leverancier de gesprekken? Bij consumentenversies van AI-tools zijn die antwoorden er niet; bij de zakelijke varianten en API's wel. Dit is het punt waarop de meeste bedrijven ontdekken dat een deel van hun AI-gebruik op privé-accounts draait.
Daarnaast, als je een chatbot of AI-gegenereerde content naar buiten brengt: één zin op de plek waar de bezoeker hem tegenkomt. Geen verstopte alinea in de privacyverklaring, maar zichtbaar op het moment zelf. Dat is wat artikel 50 sinds augustus 2026 vraagt.
Gebruik je een hoog-risico-systeem, dan schrijft artikel 26 voor wat je als gebruiksverantwoordelijke doet. Kort: het systeem gebruiken zoals de aanbieder het bedoeld heeft, het menselijk toezicht beleggen bij mensen die daar de kennis en de bevoegdheid voor hebben, controleren dat de invoergegevens passen bij het doel, de werking monitoren en de aanbieder inschakelen bij problemen, en de automatisch gegenereerde logs minstens zes maanden bewaren. Werknemers over wie het systeem beslissingen neemt, moeten daar vooraf van weten. Gaat het om persoonsgegevens, dan komt daar een DPIA bij vanuit de AVG.
Dat laatste punt over logs is waar techniek en papier elkaar raken. "Wij houden toezicht" is makkelijk opgeschreven en moeilijk te bewijzen als achteraf niemand kan laten zien wát het systeem heeft gedaan. Bij AI die alleen tekst produceert is dat nog te overzien. Bij een AI-agent die zelf handelingen uitvoert in je systemen — een order aanmaken, een status wijzigen, een factuur klaarzetten — moet je logboek uit de koppelingslaag komen en niet uit een spreadsheet.
Dat is precies waarom wij AI-agents niet rechtstreeks op een database aansluiten maar via een MCP-server: je definieert daarin een afgebakende lijst handelingen die de AI mag uitvoeren, alles wat er niet in staat bestaat niet voor het model, en elke aanroep wordt gelogd met wie hem deed, wanneer en met welke gegevens. Wat je op papier belooft over afbakening en toezicht, is dan hetzelfde als wat het systeem technisch afdwingt. Hoe zo'n server werkt, staat op wat is een MCP-server.
Voor elk bedrijf dat AI gebruikt:
Aanvullend, alleen bij een hoog-risico-toepassing (uiterlijk 2 december 2027):
Wil je dit naast de AVG-kant leggen, dan sluit onze AI-Act & AVG-checklist voor het MKB hier direct op aan: die gaat over grondslag, DPIA en klantdata in prompts, waar deze pagina over de vastlegging gaat.
Voor een mkb-bedrijf dat AI gebruikt maar niet bouwt, is het basispakket in één tot twee dagen te maken. Het meeste werk zit niet in het schrijven maar in het uitzoeken: welke tools worden er eigenlijk gebruikt, en op wiens account. Externe hulp is voor deze categorie zelden nodig. Dat verandert bij hoog-risico-toepassingen en bij bedrijven die AI in hun eigen product verwerken; daar zit een echt juridisch traject aan vast.
Twijfel je in welke categorie jouw toepassing valt, dan is dat meestal binnen een half uur uit te zoeken aan de hand van één vraag: neemt dit systeem een beslissing die de toegang van een mens tot werk, geld, onderwijs of zorg beïnvloedt? Is het antwoord nee, dan is de lichte route de juiste. Wil je die afweging samen doorlopen voor jouw situatie, plan dan een gesprek — daar zit geen advieskosten aan vast.
Veelgestelde vragen
Als gebruiksverantwoordelijke van gewone AI-tools staat er geen artikel in de AI Act dat je letterlijk een register oplegt. Toch is het het eerste wat je maakt, om twee redenen. Je kunt zonder register niet aantonen dat je aan de plichten voldoet die wél hard zijn, zoals AI-geletterdheid en transparantie. En zodra er persoonsgegevens door een AI-tool gaan, eist de AVG een verwerkingsregister, dat grotendeels dezelfde informatie bevat. Eén overzicht met tien regels is minder werk dan twee halve.
Allebei, afhankelijk van welk stuk je bedoelt. De transparantieplichten uit artikel 50, over chatbots die zich bekendmaken en AI-gegenereerde content die als zodanig herkenbaar is, gelden sinds 2 augustus 2026 gewoon. Die zijn niet uitgesteld. De zware verplichtingen voor hoog-risico-systemen uit bijlage III zijn met Verordening (EU) 2026/1744 verschoven naar 2 december 2027. Voor het overgrote deel van het mkb is de datum die telt dus al gepasseerd, en gaat het over een lichte plicht in plaats van een zware.
Laat je software bouwen die je alleen binnen je eigen bedrijf gebruikt, dan ben je in de praktijk allebei: aanbieder omdat het systeem onder jouw naam en verantwoordelijkheid in gebruik wordt genomen, gebruiksverantwoordelijke omdat je het zelf inzet. Zolang de toepassing niet hoog risico is, blijft de last beperkt tot transparantie en goed beheer. Gaat het wél om een hoog-risico-toepassing, dan ligt de volledige documentatielast bij jou, ook als een bureau de code schreef. Leg in het contract vast wie wat aanlevert.
Voor hoog-risico-systemen schrijft artikel 26 voor dat je de automatisch gegenereerde logs bewaart voor zover die onder jouw controle staan, gedurende een periode die past bij het doel van het systeem en in elk geval minstens zes maanden, tenzij andere wetgeving langer eist. Voor niet-hoog-risico AI staat er geen termijn in de wet. Praktisch houd je daar dezelfde zes maanden aan, omdat je zonder logboek achteraf geen enkele vraag over een beslissing kunt beantwoorden.
Er komt geen inspecteur langs omdat je geen AI-register hebt. Het risico is indirect en daarom onderschat: een klant die in zijn inkoopvoorwaarden om je AI-beleid vraagt, een aanbesteding met een vraag over menselijk toezicht, of een datalek waarbij de Autoriteit Persoonsgegevens wil weten welke gegevens in welke tool terechtkwamen. De boetes uit de AI Act, tot 15 miljoen euro of 3 procent van de omzet voor overtreding van de meeste verplichtingen en met lagere plafonds voor het mkb, zijn niet waar een mkb-bedrijf tegenaan loopt. Het verliezen van een opdracht wel.
Concreet maken?
In één gesprek brengen we de kansen voor jouw bedrijf in kaart, met een concrete businesscase.